Translate

Posts tonen met het label #beweging. Alle posts tonen
Posts tonen met het label #beweging. Alle posts tonen

zondag 31 mei 2015

de bal en de man

Voetbal dacht ik. daar ga ik een voorstelling over maken. dat was 1985-1986: 'de woede in de kop van de doelman'

Jan Mulder deed op verzoek van Adri en ik een tekst. Ik de rest. Met 'Pastorius' op gitaar deed ik een hele wedstrijd maar dan solo, tussendoor steeds filmfragmenten van een vreemde gepassioneerde man die in het holst van de nacht in het Olympisch Stadion Amsterdam op het veld en in de catacomben oefeningen deed. We zien hem met een piepende en oude fiets het stadion binnenrijden. Een soort nachtmerrie-achtige wedstrijd: de doelman, een gevecht met zichzelf. Een blinde trainer komt voorbij (Adri), een papegaai die op de doellat aanmoedigingen roept en wijst met zijn blindenstok, een kleine man in pak die een orgel in het doel draait en een boenmevrouw, die de lijnen op het veld uitwist. In de catacomben ziet de doelman zichzelf in de trofee vitrine met een foto van het hele elftal: het blijken allemaal klonen te zijn van zichzelf. Terug op het veld, draait een blij kind steeds maar weer op de middenstip van het veld rondjes en zien we de doelman verdwaasd het doel op rennen. Gevangen en verwrongen in zijn eigen gedachten. Elke voorstelling viel ik zeker 5 kilo af.                                                       De fotos van het elftal en doelman zijn van Cobi Golterman; de film van Ruud Monster.

Topsport, een verdwazing en een alsmaar herhalende narcistische show. Maar wat een choreografie van lijnen en van ruimte: wekenlang heb ik research gedaan, bezocht menige wedstrijd. Ik genoot ondanks de vele slogans, waves, bierademende supporters, gedrang. Ik liet me platdrukken, me meevoeren met de ongelooflijke energie van een gevuld stadion. Ik liet me platdrukken, me meevoeren met de ongelooflijke energie van een gevuld stadion. Van Studio Sport en van vele krantenknipsels leende ik beelden en monteerde-smeedde deze zorgvuldig met regie en geestesoog van Adri om tot een eigen wedstrijd op de theatervloer. Het waren er zeker 150.
We bouwden een koorddans-installatie onder de (schuinoplopende) vloer en we zien dan op het laatst de doelman capriolen uithalen om in zijn doel (op het koord) de bal aan een touw en katrol gecontroleerd tegen te houden voor de foto met een zelfontspanner. Wow, wat een wedstrijd. De productie viel onder stichting Uppercut, de eerste sinds ik onafhankelijk van Het Veem Theater mijn voorstellingswerk voortzette. 'De woede in de kop van de doelman' speelde - ongekend - 3 seizoenen lang op festivals en ongeveer overal waar we konden spelen in Nederland. Was het dans, was het mime? Het was fysiek theater met een grote stilering maar ook met een grote uitputting en zeggingskracht. Een grotesk modern ballet met een verdwaasde gekte.

fragment werkverhaal: 


'Ik was daar achter in het veld alleen maar aan het staan. En ik dut een beetje in. Ik wil naar de bal toe, en dus zie ik mezelf naar voren toe lopen, het doel uit. Ik voel me net een flipperkast. Het balletje rolt en rolt en rolt naar me toe, vanzelf. En ik ren alle spelers voorbij en laat ze ver achter me. Ze blijven daar als vastgenageld staan. Oh, wat een gevoel, wat een snelheid. En het publiek, dat staat te juichen. Voor mij, voor mij. en dan kom ik bij dat doel. Ik neem de bal op mijn slof. De doelman is al weggelopen, zeker bang voor mijn keiharde schot. En alles staat dan stil... Als kleine jongen had ik zo'n droom - Ik stond daar op het grote veld. En ik rende naar de bal toe. En mijn vader komt eraan en vloekt omdat ik in mijn eigen doel had gescoord.'

Behangplaksel of behangselplak

Zelf heb ik Adri al lang niet gezien. Dank Adri voor die tijd.
Ik zie hem nog voor me in die dagen van mimetheater Termiek. We gingen zelf posters plakken en hij droeg voor 'Falaffel' (de 2e productie na 'Tafel In Kwint') de plastic zak met behanglijm en ik de A-2 affiches. Dwars door Amsterdam -we waren al een eind door de zeker 250 affiches heen - liepen we op de Rozengracht. En daar stonden van die prachtige lantaarnpalen met brede onderkanten in het zicht van alle passanten aan de kant van de kerk. Hij smeerde, ik keek. Want strikt verboden en de politie was niet bepaald vriendelijk in die dagen. Ik keek en zie zo die VW politie kever aan de overkant passeren en een U-turn maken over de tramrails. Ik roep en laat alles vallen en ren als een gek. Adri niet - stug blijft hij nog even smeren, hij hoorde het wel maar mompelde 'even afmaken, zo gebeurd.' Het affiche hing netjes gesmeerd en gestreken op de onderkant van de lantaarnpaal en Adri hing ook. Hij smeerde hem iets te laat, trok wel nog zijn jasje uit en kuierde doodgemoedereerd door op het plein. De zak behangplaksel bleef achter bij de lantaarnpaal waar hij net zijn werkstuk had afgemaakt.
De politiewagen stopte op de stoep en de agent draaide zijn raampje open en riep. Adri hoorde roepen en liep met jasje uit nonchalant over de schouder heen nietsvermoedende wandelaar te spelen maar dacht in schuldige argeloosheid op het wenken toch maar even op de politiekever af te lopen. 'U was aan het plakken zagen wij?' Waarop hij antwoordde: 'Wie ik? - neuh, ik wandel hier.' En maakte toen zijn beroemde werktuiglijke gebaar. Adri heeft grote handen. De plak zat er nog dik op en droop nog na van het diksmeren werkstuk op de lantaarnpaal. 1 hand hield zijn jasje vast aan het lusje dat over zijn schouder hing, de ander ging naar zijn neus.  'Wat is dat op uw handen?' vroeg de agent. 'Oh, ja, euheh, ik ben verkouden....' Later kuierde ik vanachter de Westertoren terug om te zien waar hij was. Het gesprek met de dienstdoende agenten heb ik hier gereconstrueerd. Er kwam een VW politie wagen aanrijden; zodra ze me hadden gespot, stopten ze opnieuw en even later zaten we samen gebroederlijk op de achterbank van de VW kever. De affiches en de plak met stoffer voor het smeren op onze schoot. Bewijsmateriaal. We werden geïnterviewd op de beruchte Warmoestraat en moesten naam en adres opgeven. Met stalen gezichten zeiden we beurtelings: Peter Faber, Adriaan Adriaansen (beroemd clownesk duo in die tijd) en mochten met achterlating van plaksel en affiches, en een reçu heen gaan.

incredible bounce

Gewoon een rood rubber balletje.
Jongleren kan ook, maar dan heb je er meer nodig. Van het 'Apple Circus' in New York leerde ik wat jongleren, en dacht: met 1 gaat het ook! Mijn vrienden van de middelbare school gingen allemaal, zo was de tijd, sociale academie doen in Den Haag, ik wilde Amsterdam en Neerlandistiek studeren.
We hielden elkaar nog steeds bij en toen ik mimetheater deed, wilde mijn beste vriend destijds dat ik in het wijkcentrum iets met kinderen deed. Lesgeven dacht ik, hoezo en euhh... Ik maakte een korte solo met 1 bal. De bal verplaatste zich op mijn lichaam van punt naar punt zonder dat ik hem met handen aanraakte. De bal markeerde eigenlijk de scharnierpunten waar ik omheen bewoog, en maakte een aangepaste beweging nodig als je voortbewoog. Het rode rubber balletje bleef je met je aandacht volgen, ik kon er met enige oefening alles mee.

Als ie braaf was


Hij bleef op mijn oorschelp liggen, rolde zachtjes en beheerst naar mijn schouder, waar ik 'em dan weer met mijn hoofd vastzette en dan manoeuvreerde ik net zo lang totdat ie onder mijn kin zat en dan in mijn mond verdween om dan tussen mijn tanden tussen mijn knieën te komen waardoor ik als een huppeltutje met kokerrok enigszins gemankeerd vooruit liep. Dan natuurlijk verder naar mijn voeten, waar ook een oude man loop met kleine sloffende pasjes tevoorschijn kwam. Met enige moeite lukte het dan ook om 't balletje zo op 1 versleten gymschoenneus te krijgen, omhoog te gooien en tussen mijn oksel aan de rechterkant te vangen en dan door naar mijn nek via borstbeen en halve kiep beweging naar achteren toe.
Als ie braaf was bleef ie echt - ongelooflijk - in mijn nekplooi hangen, rolde via aangespannen rugspieren langs ruggengraat zo mijn openstaande broekband in.
De kinderen vonden dat moment helemaal geweldig en op mijn vragende onnozele blik waar die bal nu toch weer gebleven was, bleven ze maar enthousiast 'achter je, achter je' roepen.
Er was nog meer: met elke stuiter kon ik ook een knik of bounce beweging maken in welk lichaamsdeel ook totdat ie dan natuurlijk onverwachts hoog in de lucht stuiterde en bovenop mijn vilten hoed viel en een kuiltje voor zichzelf maakte als een gehaktbal in het kuiltje met jus van de stamppot.
Er was ook een heel verhaal. Dat verhaal gebruikte ik voor de les, waarmee ik honderden kinderen de hele middag liet stuiteren en gillen en zich van 5 tot 12 jaar in allerlei bochten liet wringen. Tijdens de solo opening deelde ik eerst al die ballen uit; met de absoluut overtuigende aanwijzing dat ze de bal heel goed moesten vasthouden en niet los mochten laten. Nooit was er een die zijn of haar bal losliet, de aandacht was helemaal op de voorstelling gericht. Alleen daarna, ja daarna, was het feest. Ik ben ze ook allemaal kwijtgeraakt op die dag. Maar wat een plezier.

op stille momenten 

De bal is een speciale vriend.  In je zak houdt je de bal vast om maar ergens houvast aan te hebben. Zoals je ook wel eens een gevonden mooie steen als jouw geheim en kleinood in je hand houdt. Het is eigenlijk een hele goeie vriend die je met je meedraagt. Het balletje is rood, maar niet altijd. Om je aan het lachen te krijgen verandert hij weleens van kleur. Het balvriendje heeft altijd goede zin, en wil eigenlijk best naar buiten om te stuiteren, maar ja dat kan niet altijd en als je het overal toch gaat proberen, ben je je bal natuurlijk gauw kwijt. En het is toch echt jouw vriend en jouw geheim. Je moet er vooral op stille momenten in knijpen, dat stelt gerust. Als je zenuwachtig bent, of als je het even niet meer ziet zitten of als iemand kwaad op je is omdat je iets vergeten bent, of als er niemand met je wil spelen. Ja dan, dan is het goed die bal dicht bij je hebben. 
Even vlug tevoorschijn halen als het kan is heel spannend of gauw een keer in je andere zak stoppen zonder dat iemand het in de gaten krijgt. De stuiterwens is altijd groot en je moet ook weleens heel erg je best doen om die stuiter tegen te houden. Dan gaat het stuiteren als vanzelf in je lijf over en stuiter-huppel je zo onderweg naar school of naar boodschappen doen of naar huis.  Het gebeurt soms zomaar terwijl je op visite bent en er een verjaardag wordt gevierd. Stuiteren kan je ook eerst klein doen en dan steeds wat meer zodat je wel hoger dan je eigen lengte omhoog stuitert. Rollen doet je bal vriend heel graag, en als 't eenmaal begint terwijl ie nog in je hand in je zak zit, dan duikel je al voorover voordat je er erg in hebt. Bij de tandarts als je lang moet wachten en je zenuwachtig bent voor wat er moet gebeuren, rolt de bal heen en weer van hand naar hand, en zo heb je een beetje troost en afleiding. Maar pas op voor de systemen, die systemen die wonen voorbij de andere mensen en die zeggen je hoe en wat en dit en dat en voor je het weet heet je ook systemen. Voor dat je het weet is je vriend ervan door en kan je nooit meer stuiteren en rollen en lekker knijpen met je hand in het rubber. Voor je het weet moet je netjes rechtop en niet meer buigen en knikken, niet meer draaien en kaatsen en huppelen, niet meer trillen en tollen en dollen en opzijrollen. Voor dat je het weet is je geheime plek weg en kan je niet meer fantaseren. Beter dus dichtbij je houden. Erop staan en wiebelen, op je oor leggen en heel stil staan met een schuin hoofd  en dan de zee horen ruisen.

terug in de tijd

Het balvriendje was het begin van lesgeven of kunsteducatie. Aan het eind van mijn studie dans en mime aan de Theaterschool Amsterdam begon ik met lesgeven - dat had ik op zich helemaal niet op mijn lijstje staan. 
Ik kwam zo van uit de studie Neerlandistiek Universiteit van Amsterdam de mime-school binnenlopen en het ging juist over het uitvoerende vak. Ik was eerst bij Koert Stuyf beland door de moderne danseres die ik in het grote kraakpand van K 65 op de Keizersgracht tegenkwam. Ik kraakte dat het een lust was. Daar hadden we ruimte! 
Toen Frits Spits de grootse kraak versloeg voor de radio, kwam ik terug naar het pand en daar hielden we die middag ballotage voor aspirant woningzoekenden die zich wilden aansluiten bij onze kraakgemeenschap daar.
De jonge vrouw die we unaniem aannamen was op klompen, sprak Amerikaans met wat zinnen Nederlands, en droeg een gele poncho. Later zag ik haar dansen in de gang. Nooit had ik zoiets gezien. Ik smolt en was helemaal verkocht. En zo belandde ik een half jaar later bij Koert Stuyf en Ellen Edinoff op les, kocht daartoe op de Albert Cuypmarkt een goedkoop dun maillootje en vond toen uit op de dansvloer met allemaal klein van stuk meiden die daar al lang kwamen, dat die maillot wel erg doorschijnend was. Ellen Edinoff legde me in een knoop waar ik nauwelijks uit kon komen. Theater en Moderne dans was voor mij volstrekt nieuw.
We begonnen later een eigen studio voor dans en mime en 1 van de producties heette 'The Incredible Bounce'(1979), dat ik op basis van de ballenman  solo met Mark Kingsford verder ontwikkelde.

Tekenaar Nico Rolle maakte een impressie voor de Telegraaf bij het artikel van 23 september 1973 over de krakersgemeenschap in RK Johannes de Deo ziekenhuis op Keizersgracht 65. Hierboven de tekening van mijn verbouwde kamer.


zondag 3 mei 2015

dit is een toevallige samenloop van omstandigheden

Van het een komt 't ander als 't ware. Actie en Reactie. Oorzaak en Gevolg. Een scharnierpunt, een momentum. Een kantelogenblik, een tijdgewricht, een kritieke massa.

 
Ik loop s'ochtends vroeg de deur uit en de straat op en omdat ik enigszins laat bent blijf ik met mijn - nu sneller dan gewoonlijk - aangeschoten lange overjas achter de splinter van de houten lambrisering hangen en daarmee komt de jaszak in de knel en scheurt licht open en laat daardoor de autosleutel naar buiten toe glippen. Op het moment dat ik werktuiglijk mijn hand in de zak de autosleutel wil pakken en misgrijp omdat deze binnen is gebleven door de opengescheurde jaszak en het verhaaste vertrek, besef ik dit gemerkt te hebben, en draai al om nog voordat de hand weer uit de zak is gekomen. Mijn voet komt op een achtergebleven honduitwerpsel op de rand van boomspiegel en glijdt weg, mijn hand is blijven hangen en kan niet opvangen en zo lig ik even later onhandig met over elkaar heen beknelde benen half over een tuinhekje de opgebloeide tulpen te bewonderen en zegt buurman Mark die sedert kortgeleden heel kwiek vroeg ook de deur uitkomt vanwege zijn nieuwe docentenjob als ICT'er, hé, een nieuwe mime-voorstelling? De inspiratie ligt op straat, dat is duidelijk.

Ik geef die dag les aan jaar 2 en aan jaar 1. We doen onder meer een improvisatie over tijd en ruimte. We trainen een aantal zaken eerst. Zonder vooropgezette verbinding zijn voor het publiek de verschillende handelingen in de ruimte verbonden en lijken ze op elkaar afgestemd. De handelingen worden vanuit een eigen motorisch moment - impuls op een gekozen plek vergroot en verkleind zodat je de weg kent met je en in je fysiek (het instrument). Daarna worden er verschillende spelers tegelijk op de vloer aan het werk gezet. Steeds vallen momenten samen en lijken ze soms synchroon te lopen en met elkaar verbonden of reagerend.  In de middag zijn er volop makende en repeterende studenten die naar aanleiding van een concept theater-etudes ambachtelijk vorm geven. We gaan er als begeleiders in en uit, ruiken even en geven terug. Op mijn scherm schiet er nog een bericht van Nick Steur voorbij. Ik ga het net halen en loop de benen uit mijn lijf.

The Big Mo zeg je in Amerika. In de mechanica is momentum een synoniem voor impuls, een grootheid van massa en snelheid. In overdrachtelijke zin geven we er een uniek omslagmoment mee aan.
De 'kritieke massa' kan wel de hoeveelheid 'chance' (toeval) zijn of de gezamenlijke inademing van kijkers en performers, of de energie van de verhuizers door het extra ontbijt dat ze van de opdrachtgever kregen voordat de piano uit het raam werd getild.
Het kantelpunt is een (symbolische of mechanische) drempel, een gewichtige kwestie of een gewichtskwestie waar het tijdgewricht mee belast wordt en 'out of joint' schiet. een kortstondige verstoring van een dynamisch evenwicht, een 
motorisch ogenblik is vanuit de dramaturgie de aanzet voor de gebeurtenis die het verhaal echt ‘op gang brengt’.
het tijdgewricht is een tijdvak, een stadium, waarbij er eigenlijk sprake is van meervoud om de tijd in 2 vakken wordt onderscheiden en verbonden.  

'A Piece Of Time'

Nick Steur worstelt als elke kunstenaar 
met ruimte en tijd: de puzzelstukjes passen niet en juist het niet passen en het er niet uitkomen is aantrekkelijk voor de toeschouwer. Het laat een menselijk dilemma zien in zijn eenvoud: mijn logica moet zich met de werkelijkheid om me heen behelpen, dat is te zeggen: de werkelijkheid zelf gedraagt zich arrogant en eigenzinnig en nooit wil het eens echt passen in de logica om je heen. In Freeze - 13 en 14 mei in Parijs - bouwt hij met een betoverende intensiteit stenen en in 'A Piece Of Time' probeert hij met hulp van het aanwezige publiek zoveel mogelijk  van de opgestelde mechanische metronomen synchroon te laten lopen en maakt zo een collectieve tijdservaring en verstilde muziek van aandacht en tikjes van geluid.
Vorig jaar was hij daarmee bezig en hadden we enkele malen email contact en wees ik hem op Ligeti 'Poem Symfonique for 100 metronomes'  - 1962. In de mime-danswereld is het met kraakdozen en metronomen druk geweest in de jaren 60 en 70. De geluidsfascinatie en de stop motion was hot, John Cage en Cunningham hebben die toon gezet. Cunningham construeerde als eerste dans vanuit een open dramaturgie en liet 'het toeval' ofwel de I Tjing beslissen welke volgorde de dans-etudes werden gespeeld. Ik speelde veel in Het Veem met onder meer Michael Vatcher (nu 'available jelly' en the 'river') en George Bretz, die in zeer eigen installaties de tijd en de structuur aangaven voor de bewegingsverbeelding.



Tijdgewricht: elke keer bij Man Bijt Hond een gedicht voorgedragen door onbekende Nederlander van een bekende dichter. Tijdgewricht is van Jules Deelder.
Bankjescollectief: elk 1e zondag van de maand  presenteren bankjes zich met een maaltijd, een theatervoorstelling, een dansje, een zitgedicht en wordt de dag een groot openlucht- café van ontmoeting.
Zitbankgedicht: New York metro bank van Hieke Aardema: ik ga binnenkort dichtend dansen daar in de hal aan de Ferdinand Bolstraat VVE Marie Heinekenplein of in de Local Goods Store van Pakhuis de Zwijger - De Hallen Amsterdam.
bizarre  samenloop van omstandigheden (filmpje van Joost Reijmers)
Poëzie eenvoudig  gebeiteld in Arduin op een zitbank aan de oever van de Leie


choreografie van tijd en ruimte:

Ik zit op het puntje van mijn stoel en kijk gefascineerd naar Richard Alston terwijl hij bij ons op bezoek in Amsterdam (lange tijd geleden), aan de keukentafel uitlegt hoe zijn choreografie Double Works in elkaar zit. Hij kijkt me aan terwijl zijn handen onafhankelijk een spel uitvoeren met de ontbijtspullen op de tafel. er ontstaat een mise-en-scene in beweging en geluid met pindakaas, bestek, een klein bord en stukjes boterham, kopjes en theelepeltjes. 
Mijn zoon Twirre heeft binnenpretjes en voert  dit tegelijk met eigen onnavolgbare logica door en plaatst de voorwerpen zo op de randen van de tafel dat ze er bijna afvallen. Een sterke onderstreping van een woord in de uitleg met de hand op tafel laat het kantel moment ontstaan en kopje en de eierdopjes vallen naar de grond,  waar ik dan net op tijd het glas behoedt voor scherven. Mijn zoon grinnikt en wij verbazen ons over het moment. Het actie reactie moment is een sequence van beweging met een prachtige dynamiek en verbeeld een dans. In het filmpje 'Der Lauf Der Dinge' zie je dit op een geweldige manier ook verbeeld als beeldende kunst. Der Lauf der Dinge is een art-film van het Zwitserse kunstenaarsduo Peter Fischli en David Weiss uit 1988.

tijdgewricht - wat een prachtig woord en het scharniert ook nog!

Uurtje Oost zegt het poëtisch:  '‘Time is out of joint’ sprak Shakespeare’s Hamlet en niets is minder waar voor het scharnierpunt in de geschiedenis waarin we nu leven. Oude systemen falen en nieuwe systemen zijn nog niet gerealiseerd. Kunstenaars kunnen en willen hierin een belangrijke rol spelen, om vergezichten en nieuwe wereldbeelden te scheppen.'
'time is out of joint" spreekt mooi vanuit het Engels: het gewricht van de tijd, de tijd wordt uit zijn kom getrokken,  maar op zijn Nederlands vind ik  'tijdgewricht'  een prachtig woord. En het scharniert ook nog! 2 momenten die met een scharniertje vastzitten en een deur kunnen openen. Of zou het scharnieren ook anders kunnen werken? zoals een keuken kast met een dode hoek onder het aanrecht waar je dan zo een draaitafel in kunt zetten zodat de kast als het ware binnenste buiten keert. Daar ga ik verder over doordenken.

Choreograaf Jasper van Luijk en performer / beeldend kunstenaar Nick Steur. Uitvoerende danser Jefta Tanate.

In het aangezicht van de zwellende tijd en kruiend flikkerlicht  zochten zij naar een evenwicht:  het minnedicht in beeld en beweging had een droomgezicht.
Uurtje Oost begon wat laat. Ik was blij Nick weer even te kunnen zien. Nick heeft performance opleiding gedaan in Maastricht en was daarvoor bij WalkingFaces.nl te zien: TalkingManTalkingWoman - 2007

1 woord:

Als je kijkt op de site walkingfaces.nl, zie je bij talkingMantalkingWoman   de op elkaar in tijd versmolten beelden 8 afzonderlijke beelden van t shirt teksten en locatie performances. Het gedicht in talkingMantalkingWoman gaat ook over tijd, over wanneer. Tekst van Anouk Saleming:

wanneer is een woord teveel wanneer wordt metaal moe wanneer slaat een hart voor het laatst wanneer ben je oud wanneer is een draad versleten wanneer breekt een ketting wanneer slaat twijfel toe wanneer wordt een haar grijs wanneer rolt een eerste traan wanneer knapt een ader wanneer is een liefde voorbij wanneer barst een steen wanneer valt de eerste regendruppel



de ruimte die opent door tijd en licht

De rollen witte theatertape hangen aan het grid van het plafond in een vierkant naar beneden. Op de achterwand is als een lamellen muur eveneens witte theatertape in strepen van plafond naar zwarte vloer in een rij naast elkaar aangebracht. De danser Janna is naakt. Hij danst-verplaatst zeer precies en intens op een enigszins diagonale lijn naar achter. Het licht werpt een prachtig schaduwbeeld op muur en lamellen. Langzaam dalen de rollen theatertape naar beneden, iedere rol met een eigen snelheid. Het stroboscoop licht versterkt dit effect van tijd en ruimte, van stop motion, van momenten die voorbijgaan, van momenten die je mist. In het laatste deel brengt Nick een kleine zaklantaarn in de hand op de vloer en wordt de rest van het licht weggelaten. De schaduwbeelden worden nu intenser en als het licht met hem traag lopend achter de lamellen verschijnt, worden er meer ruimten 'geopend'. Janna versnelt in een draaiende beweging - door de herhaling is het bijna een Soefi dans - en wordt nog meer nadruk gelegd op het moment en de zich rekkende tijd.
Juist op het 'kantelmoment' van half hurkend, half staand werkt die draaiende beweging zeer intens en wonderlijk poëtisch. De choreografie is beslist indrukwekkend, ook de beeldende installatie. De dans is ongekend precies, ingehouden en technisch hoogstaand. Ik mis de adem.
Het blijft daar door nog een vormexperiment: Ik mis letterlijk de adem - de danser blijft ondanks de intensiteit op afstand. Wanneer Nick het zaklantaarnlichtje op draagt is hij performer maar dat zien we niet terug in zijn aanwezigheid. De tegenstelling tussen het zwarte en het lichte deel (omdat hij zich achter het licht bevindt) is een mooi beeld, zijn beweging, verplaatsing moet  onderdeel van zijn van de uitvoering.

foto van Menno van der Meulen



Langdurigste kunstwerk

Willem Jan Otten - zeer gewaardeerd proza schrijver (prijs PC Hooft 2014-ik lees hem al lang en graag) beschouwt in jan 2015 Volkskrant 'Poetry' van Lee Chang-dong in de serie vijf onvergetelijke films. 'Het grootste meest uitgebreide en sowieso langdurigste kunstwerk dat de westerse cultuur heeft voortgebracht is het Kerkelijk jaar. Het is en oneindig gedicht waarvan per mis of dienst een strofe wordt voorgelezen. Of: 1 drama dat in afleveringen voltrokken wordt - zeg maar de oer vorm van de televisieserie. Met op zondag naast alle dagen een soort extra opgetuigde aflevering , 'Hoogmis' genaamd.'
Over tijd gesproken. 'De dag dat vasten begint heet Aswoensdag en is als een tijd binnen een tijd.' Zes weken lang vasten! Dit is pas inleving en ervaringstheater. De zuiverende werking is des theater. 'Een gedicht is een kleine religie. Een religie een grote.' zegt Les Murray volgens W.J.Otten.

zondag 8 maart 2015

Pracht in de Gracht - 1e ontwerp 'Stairway to Heaven'







'Stairway to Heaven' 

Eerste ontwerp van 1 op 50 omgezet in 1 op 5. Stairway to Heaven wordt vanaf mei geplaatst voor 3 maanden in de grachten rondom Zaltbommel: pracht in de gracht.
Als je goed kijkt zie je dat de kat Wuwey bij het ontwerp opgezet is (hij is 19jaar oud geworden en we willen hem nog wat bij ons houden). Wupak - onze nieuwe en zeer intelligente kat kijkt ernaar en verbaast zich. Soms vechten ze een robbertje. Meestal laten ze elkaar met rust (wuwey ruikt niet meer en beweegt niet meer).  Als je meer van Wupak wilt weten, dan zoek je op zijn naam - youtube of klik je op de link.

Hans Vernooij en Sjoerd Schwibettus  maakten samen voor het vorige Pracht in de Gracht kunstexpositie in de grachten van Zaltbommel 2 jaar geleden een huisje van gebruikte draagtassen met een zonnepaneel. Het huis had een bloem door het dak groeien. De zonnepaneel zorgde voor energie van compressor (autoband oppomp compressor) die met een zelf in elkaar gezette pneumatische arm en schakeling elke paar minuten de bloem letterlijk verlengde. we kregen er de 2e publieksprijs mee. Veel stemmen en mensen netwerken om dat gedaan te krijgen. zo zag het eerste ontwerp eruit met 1 op 50 van rietjes gemaakt: een soort gekruiste jacobsladder die reikt tot de hemel en waarop een klimmende mensfiguur komt (zie ontwerp). Daar ga ik me nu aan wijden. Eerst de drijvers toevoegen en de verzwaring: geen sinecure hoe een en ander in het water - de grachten van Zaltbommel moet kunnen blijven staan! De verankering ga ik proberen door via katrollen gewichten aan de drijvers de waterhoogte verschillen te laten reguleren. De drijvers worden verzwaard, evenals de onderste deel van de ladderlijnen omhoog zodat een en ander als een tuimelaar rechtop blijft.